
Vlaams Parlementslid

Einsteintelescoop noodzaakt wellicht geen wijzigingen aan hoogspanningsnet
Volgens de huidige inschattingen zal een operationele Einsteintelescoop een energieverbruik hebben vergelijkbaar met een doorsnee ziekenhuis. Daardoor wordt niet verwacht dat er wijzigingen nodig zijn aan het hoogspanningsnet. Dat antwoordde minister-president Matthias Diependaele (N-VA) vanmorgen in de commissie Economie op vragen van Vlaams parlementslid Andy Pieters (N-VA). “Onze kandidatuur voor de Einsteintelescoop krijgt steeds meer vorm en wordt stevig wetenschappelijk onderbouwd. Met deze nieuwe studie ook op vlak van energievoorziening”, aldus Pieters.
De UHasselt, de KU Leuven, de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) en imec hebben enkele weken geleden aangekondigd dat zij via EnergyVille een studie uitvoeren naar de duurzame energievoorziening voor de Einsteintelescoop. De Vlaamse Regering zou hiervoor een half miljoen euro vrijmaken. Die investering kadert in een brede strategie om onze kandidatuur natuurlijk te versterken richting de locatiekeuze, die hopelijk in 2027 zal gebeuren. Vandaag kreeg bevoegd minister Matthias Diependaele vragen erover in de commissie Economie onder leiding van voorzitter Andy Pieters (N-VA).
“De energiestudie die EnergyVille uitvoert, kijkt dan ook ruimer dan enkel naar de energievoorziening”, stelde Diependaele. “Ze analyseert de energiebehoefte in de bouw-, exploitatie-, en ‘decommissie'-fase. Ze onderzoekt verschillende energiebronnen en kijkt naar de mogelijkheden voor energieopslag en -distributie, steeds in functie van Europese langetermijndoelstellingen. De huidige inschatting is dat de Einsteintelescoop een energieverbruik heeft dat vergelijkbaar is met een doorsnee ziekenhuis. Op basis van het relatief beperkt energieverbruik van de Einsteintelescoop in de operationele fase en de spreiding van de gebouwen en infrastructuur over een groot gebied, wordt momenteel niet verwacht dat er speciale wijzigingen nodig zijn aan het hoogspanningsnet”, aldus nog de minister-president.
“Tijdens de bouw wordt wél een verhoogde vraag naar energie verwacht, bijvoorbeeld voor het boren van de tunnels”, gaat Pieters verder. “De energiestudie hanteert volgens de minister-president daardoor een technologieneutrale benadering, waarbij ook alternatieven zoals kleine modulaire reactoren zullen worden bekeken. Daarnaast wordt, op het vlak van distributie, zowel naar het bestaande wisselstroomnet gekeken als naar innovatieve opties zoals gelijkstroomnetwerken. Een goede aanpak”.
