
Vlaams Parlementslid

Erkenning Limburgse vlaai in gedrang? N-VA vraagt Brouns tussen te komen
De hersteloperatie voor de Europese erkenning van de Limburgse vlaai als streekproduct is nog steeds niet afgerond. Meer nog, in Nederland is voor het eerst een bezwaar ingediend tegen het productdossier door een fabrieksbakker, die bezwaar maakt tegen de strenge regels waaraan Limburgse vlaai moet voldoen en de term ‘dagvers’ wil oprekken naar zes dagen. Het Nederlandse ministerie van Landbouw Visserij, Voedselzekerheid en Natuur moet het bezwaar behandelen. N-VA vraagt bevoegd Vlaams minister Jo Brouns het zekere voor het onzekere te nemen en contact op te nemen met zijn Nederlandse evenknie, die tegen 11 augustus de knoop finaal moet doorhakken.
De benaming ‘Limburgse vlaai’ is sinds 9 januari 2024 ingeschreven in het EU-register als een beschermde geografische aanduiding (BGA). Het betreft een grensoverschrijdend dossier waarbij zowel Vlaanderen als Nederland, de twee Limburgen dus, betrokken zijn. In Vlaanderen is de aanvraag destijds ingediend door het Koninklijk Provinciaal Verbond der Brood- en Banketbakkers, Suikerbakkers en IJsbereiders van Limburg vzw. De Nederlandse zusterorganisatie deed hetzelfde bij de Nederlandse overheid.
Het productdossier van de BGA ‘Limburgse vlaai’ bevat onder andere specificaties over de afmetingen en gewichten van de vlaaien met diverse vullingen, zoals kersen en abrikozen en dergelijke. Eind vorig jaar bleek echter dat er een fout zat in het productdossier, waardoor er amper erkenningen konden volgen die voldeden aan de producteisen. Een nieuwe procedure herbegon in zowel Vlaanderen als Nederland. Voor een grensoverschrijdend dossier bepaalt de Europese wetgeving dat alle betrokken landen hun interne procedures uitvoeren, waarna het laatste land de desbetreffende wijzigingsaanvraag naar de Europese Commissie stuurt. De wijzigingen worden pas van kracht na goedkeuring door het laatste land.
De Vlaamse administratie heeft ter ondersteuning van de aanvragers de afgesproken wijzigingen in het dossier aangebracht en het aanvraagformulier, met alle details van de wijzigingen, ingevuld. In het najaar van 2024 heeft de Nederlandse administratie echter meegedeeld dat in Nederland een lange procedure met een publicatie en een bezwaartermijn is voorzien. In die procedure duikt nu een stevig bezwaar op van een fabrieksbakker. Dat meldt ook de Nederlandse pers.
Volgens de fabrieksbakker is de dagvers-regel oneerlijk en gezien de benodigde distributie van grootschalige bakkerijen aan supermarkten nauwelijks haalbaar. Zodoende zou sprake zijn van afscherming van de markt door (kleinere) bakkerijen die hun Limburgse vlaaien directer kunnen verkopen. De Nederlandse en Belgische bakkers achter het initiatief om de Limburgse vlaai als streekproduct erkend te krijgen, hebben een verweerschrift ingediend bij het ministerie. De minister moet voor 11 augustus een oordeel vellen over de hernieuwde aanvraag.
Vlaams parlementslid Andy Pieters (N-VA) vraagt bevoegd Vlaams minister Jo Brouns om het zekere voor het onzekere te nemen en contact op te nemen met zijn Nederlandse evenknie: “De erkenning van de Limburgse vlaai als streekproduct is belangrijk voor de bakkers in Limburg en is het sterkste kwaliteitslabel voor ons streekproduct. Maar nog meer staat ze symbool voor onze cultuur, traditie en onze Limburgse gastvrijheid. Het is zaak ervoor te zorgen dat het nieuwe productdossier positief afgerond wordt”.
